Welke schaduwplanten kan je gebruiken voor vlinder en bijen. 

Tuinvraag: Wat zijn goede schaduwplanten voor vlinders en bijen.

Kies bij voorkeur zoveel mogelijk inheemse beplanting in plaats van alleen maar de gangbare tuinplanten. Dit is vele malen beter voor de biodiversiteit.
Veredelde tuinplanten kunnen vaak wel als voedselplant dienen voor de gangbare vlinders, hommels of honingbijen, bij voorbeeld de vlinderstruik maar deze heeft geen waarde voor het behoud van de soort. Sommige soorten zijn geheel afhankelijk van een bepaalde groep of specifieke soort inheemse beplanting.
Wilde klaver is een groep waar veel wilde bijen en kleine vlinders van afhankelijk zijn.

Bijvoorbeeld de grote wederik is de enige plant waar de gewone slobkousbij zijn voedsel kan vinden voor het broedholletje waar zij haar eitjes in legt. Verdwijnt deze plant dan verdwijnt ook de slobkousbij.

de voordelen van een duurzame tuin tuincursus online


De volgende schaduwplanten voor vlinder en bijen zijn naast voedingsplant ook waardplant.

Een waardplant is een plant waar de vlinder zijn eitjes op legt en waar de rups van eet. Ook wilde bijen hebben specifieke waardplanten nodig voor voeding of voor de voortplanting

-Viola tricolor (driekleurig violtje)

Grote parelmoervlinder

-Digitalis grandiflora    (groot vingerhoedskruid)

Tweekleurige parelmoervlinder

-Digitalis purpurea (vingerhoedskruid)

Bosparelmoervlinder

Tweekleurige parelmoervlinder

-Ilex aquifolium (hulst)

Groentje boomblauwtje

-Lonicera caprifolium  (struikkamperfoelie)

Kleine ijsvogelvlinder

-Hedera helix Arborescens (klimopstruik)

Boomblauwtje

Bont zandoogje

-Plantago lanceolata  (smalle weegbree)

Veldparelmoervlinder

Bosparelmoervlinder

Tweekleurige parelmoervlinder

– Ligustrum vulgare (liguster)

ligusterpijlstaartvlinder

 

Overige schaduwplanten die veel insecten aantrekken:

Onderstaande planten hebben wel licht nodig om te groeien maar hoeven niet de gehele dag in de volle zon te staan. Daardoor zijn ze ook geschikt om te groeien aan de noordzijde van het huis.
Het beste is een mix te gebruiken van bodembedekkers en daartussen enkele hogere soorten als groep of solitair.

Knip de oude bloemresten pas eind maart af en laat ze dus in de winter staan. De oude bloemresten geven de tuin in de winter ook structuur en het is mooi om te zien als de oude bloemen bedekt zijn met ijs of rijp.
Voor insecten, vlinders en andere insecten zijn die oude bloemstelen een plek om in te overwinteren en daarom is het belangrijk om ze te laten staan. Ook is dit beter voor de planten.

Ajuga reptans (zenegroen) vroeg bloeiende bodembedekker

Polygonum bistorta (Adderwortel)

Aster dumosus (herftstaster) herfstbloeier

Taraxacum officinale (Gewone paardenbloem)

Lotus corniculatus (Gewone rolklaver)

Eupatorium purpureum ‘Atropurpureum’ (Koninginnenkruid) hoge vlinderplant

Centaurea jacea (Knoopkruid) lang bloeiend

Knautia arvensis, Knautia macedonica  (Beemdkroon)

Persicaria amplexicaule (duizendknoop) zeer lang bloeiend

Cornus mas (gele Kornoelje)  struik of kleine boom met rode bes

Helleborus argutifolius ( nieskruid) vroeg bloeiend en groenblijvend

Dicentra formosa (gebroken hartje) kruipend en lang bloeiend

Hydrangea paniculata (pluimhortensia) met grote pluimen van fijne bloemen

 

© Tuinspecialist Geral Overbeek   Overbeek-Gardendesign //  Tuincursus-Online

 

Tip: Wil je meer leren over biodiversiteit in tuin en landschap? Ga dan naar: Workshop vlinders en bijen

Met groene groet, Geral Overbeek.