Een groene leefomgeving heeft een positieve uitwerking op mensen

Uit diverse onderzoeken is gebleken dat mensen zich beter voelen in een omgeving waar planten zijn. Mensen die ziek zijn genezen ook sneller in een omgeving met veel groen. Het feit dat mensen zich prettig voelen in een groene omgeving zit in onze genen. Van oorsprong voelen we ons veiliger in de beschutting van planten als in een open vlakte. Een omgeving met groen en natuur heeft ook op kinderen een gunstig effect.

In de natuur leren kinderen niet alleen respect voor alles wat leeft maar ook bouwkundige verhoudingen (met het bouwen van hutten) en wat water voor effect heeft op de omgeving (door dammen bouwen, stroming en het effect van droog en nat op de bodem). Uit diverse onderzoeken is naar voren gekomen dat kinderen met natuur onder handbereik een andere belevingswereld hebben. De welvaart ziekte als HDHD komt niet voor bij kinderen die zich kunnen terugtrekken in de natuur. Kinderen die na constatering van dergelijke ziektes de gelegenheid krijgen om zelfstandig de natuur te ontdekken hebben naar verloop van tijd geen last meer van de symptomen. Zie ook het boek en de video: “Het laatste kind in het bos”.

Naast de gevoelsmatige effecten van planten heeft groen veel meer voordelen voor onze leefomgeving.

 

Onderzoek door TNO: Het effect van planten op de creativiteit

Mensen die creatief werk verrichten worden positief beïnvloed door planten in hun omgeving/werkruimte. Ook het herstellend effect van planten is positief. Mensen die last hebben van lichamelijke vermoeidheid en/of werkstress, hebben doorgaans hogere scores op de uitvoering van creatieve taken in kamers met planten.

 

Stof:

Afhankelijk van de structuur, vangen planten met hun bladmassa (fijn)stof op uit de lucht. Als voorbeeld: als een klimplant zoals klimop gesnoeid wordt merk je al snel hoeveel stof er tussen het blad vandaan komt. In 2007 is in Achtkarspelen een onderzoek gedaan naar fijnstof. Het bleek dat beplanting de hoeveelheid fijnstof en stikstofdioxine met 25 tot 30 % verlaagt. Naaldbomen vangen het beste het fijnstof uit de lucht ook omdat deze zomer en winter groen zijn. Loofbomen en heesters zijn goed in het opnemen van ozon, vluchtige organische stoffen en stikstofoxide.
Een onderzoek naar het effect van groen op fijn stof is in Nijmegen positief uitgevallen. Uit een kosten-baten analyse blijkt dat een inrichting met een optimale groenstructuur op de lange termijn zelfs goedkoper is. De kosten van groen tegenover de voordelen van een gezondere bevolking.

 

Geluid:

Beplanting kan afhankelijk van de structuur van de beplanting het geluid enigszins reduceren. Een dichte wand met beplanting begroeid heeft een beter effect op de demping van geluid. Een product wat uit testen goed werkt is de Greenwall. Dit is een element gevuld met grond en begroeid met klimop of andere beplanting. Ook fijn stof wordt hier goed mee opgevangen. Kijk op de website: greenwall

 

Regenwater:

In stedelijke omgevingen wordt steeds meer oppervlak bestraat met verhardingen. Hierdoor kan het regenwater niet meer langzaam in de bodem wegzakken. Via de verhardingen wordt het water afgevoerd naar het riool of een sloot waarna het water via kanalen en rivieren afgevoerd wordt naar de zee. Het gevolg is dat de (stedelijke)omgeving steeds meer verdroogd en de riolen, bij piekbelasting, overstromen met alle nare gevolgen van dien. Zoals vuil rioolwater wat in de sloot terecht komt en straten die blank komen te staan omdat het water zo snel niet afgevoerd kan worden.

Door bebouwing ontstaat het zelfde effect. Via alle daken wordt ook het regenwater afgevoerd naar de riolen. Door het aanbrengen van dak-begroeiing wordt al 60% van het water vastgehouden en bij piekbelasting stroomt het water langzamer weg. De gemeente Rotterdam is nu begonnen met een inhaalslag om zoveel mogelijk daken te bekleden met beplanting om de stroom van regenwater te vertragen en zo de riolen te ontlasten. Zelfs sommige daken van bus- en tramhaltes worden met dak-begroeiing bekleed.
Ook zijn er steeds meer steden die het afkoppelen van regenwater promoten. Dit houdt in dat het regenwater van de daken opgevangen wordt (regenton) of de kans krijgt om bijvoorbeeld in de tuin langzaam te bezinken. Kijk eens op de site nederlandleeftmetwater Hierdoor wordt het riool ontlast en voorkomt men de verdroging van de stedelijke omgeving.

Wind:

In open gebieden worden hagen of boomgroepen gebruikt om de wind te breken, zoals windsingels bij boerderijen en aan de westkant van een boomgaard. In tuinen is het prettig om beschutting te creëren zodat men lekker buiten kan zitten. Het voordeel van planten ten opzichte van harde wanden is dat de wind wordt gefilterd en gebroken. Bij een vaste wand (muur of schutting) kan de wind er overheen vallen wat minder prettig is..

Zuurstof:
Van levensbelang is natuurlijk de zuurstof die planten voor ons maken, zonder planten zou er geen leven op aarde mogelijk zijn. Bomen en planten zijn de longen van de aarde, daar moeten we dus zuinig op zijn.

Luchtvochtigheid:
Een prettige leefomgeving is ook mede afhankelijk van de luchtvochtigheid. Planten houden het vocht (regenwater) vast en geven dat weer af aan de omgeving. Als voorbeeld in de Sahara groeien bijna geen planten dus daar is het heel droog en is dus geen prettige leefomgeving. In de tropische regenwouden is de luchtvochtigheid heel hoog omdat er veel regen valt wat de planten vasthouden en ook weer afgeven aan de omgeving. Een stad zonder groen kan dus het klimaat van de Sahara benaderen wat niet prettig is om in te leven. Een groene stad heeft juist een prettige luchtvochtigheid.

Temperatuur:
Planten hebben invloed op de omgevingstemperatuur. Doordat planten vocht vast houden en schaduw geven verlagen ze de temperatuur als het warm is. Door de beschutting die ze geven zal een groene omgeving in de winter minder koud zijn. Klimplanten tegen de muur en groene daken hebben als voordeel dat ze een gebouw goed isoleren waardoor de temperatuur schommelingen kleiner zijn. Beplanting op en tegen een gebouw heeft dus alleen maar voordelen mits de toepassing technisch goed en doordacht is uitgevoerd.

Natuur:

Niet alleen mensen voelen zich prettig in een groene omgeving, voor de dieren en planten is een groene omgeving van levensbelang.
* Schuilplaats voor de egel, vogels en amfibieën.
* Nestplaats voor vogels, muizen en marters.
* Voedsel in de vorm van bessen voor vogels, bloemen voor insecten en blad voor bijvoorbeeld rupsen.
* Door beplanting wordt ook het microklimaat beïnvloed waardoor bepaalde planten of dieren zich juist daar kunnen handhaven of voortplanten.
* Een pad heeft water nodig voor de voortplanting maar leeft de rest van de tijd (op het land)op plaatsen waar veel insecten zijn om te eten en voldoende vochtige plekjes om zich te verschuilen.
* Zo zijn er ook planten die alleen op plaatsen groeien waar de omstandigheden ideaal zijn.

Tot slot:

Beplanting in het klein van uw tuin of in het groot van plantsoenen of natuurgebieden is van levensbelang. Het verdient dus alle aandacht om groen de ruimte te geven voor nu en voor later, voor kinderen en voor zieke mensen, voor iedereen. Veel groene tuinen bij elkaar maakt ook de wijk groen en er ontstaat een prettig leefklimaat om te werken en wonen. Ook overheden en bedrijven kunnen bijdragen aan een groene leefomgeving door vooraf te bedenken hoe beplanting toegepast kan worden. Bijvoorbeeld: om, bij de bouw van een nieuwe woonwijk, eerst de groenstructuur aan te leggen en daarna pas de bebouwing en infrastructuur. Hiermee wordt voorkomen dat er steeds meer van het groen wordt afgesnoept en de mensen in een levenloze, kille woonwijk komen te wonen.

Beplanting en natuur zijn het goud van de 21e eeuw en is dus al onze aandacht waard.

Dit schrijven is samengesteld door Geral Overbeek
Geral heeft een passie voor natuur en tuinen en door middel van de website Tuincursus-Online probeert hij mensen te informeren.